

Via een doorschuifsysteem werken de kinderen in groepjes aan 4 verschillende opdrachten. Dit gebeurde dinsdag en donderdagnamiddag.
Iedere dag werden twee opdrachten afgehandeld.
Aan iedere opdracht wordt zo'n 20 minuutjes gewerkt.
Dit groepje oefent 'schrift'. Eerst wordt de letter i in de lucht geschreven, daarna met de ogen dicht steeds kleiner, daarna op bord en tenslotte op papier.

Hier spelen de kinderen 'kaartjes omdraaien'.


Bij deze taalopdracht dienen de kinderen een bepaalde letter, bv. 'm' of 'oo' op te zoeken in tijdschriften. Deze mogen ze apart uitknippen of in een woord waarin ze de letter kleuren.
Ook foto's van woorden met deze letters worden op het blad gekleefd.


Nog een leuke spelopdracht: puzzelen.
Sommigen werken graag samen, anderen liever alleen.
Fijn, hoe rustig en geconcentreerd de meeste kampioenen dit doen.